Spaarhypotheek

Een spaarhypotheek bestaat uit twee delen. Het eerste deel is de hypothecaire lening en het tweede deel is een spaarverzekering. Met een spaarhypotheek betaalt u dus twee rekeningen: die voor de hypothecaire lening (alleen rente) en die voor de spaarrekening. Met het geld dat op de spaarrekening staat, wordt aan het einde van de looptijd in een keer de gehele hypotheek afgelost. De bank stelt wel de voorwaarde dat zij het recht van hypotheek krijgt op uw woning. Dit pandrecht geldt ook voor de spaarrekening.

De spaarhypotheek is een gemengde verzekering: er wordt namelijk uitgekeerd bij zowel leven als overlijden. Wanneer u een spaarhypotheek afsluit, dan betaalt u naast rente een premie. Deze premie bestaat uit twee delen: een spaardeel en een risicodeel. Het spaardeel wordt gebruikt om aan het eind van de looptijd in een keer de hypotheek af te lossen. Het risicodeel is bedoeld als verzekering van een uitkering bij overlijden. Als de woning wordt gekocht door twee mensen (bijvoorbeeld een getrouwd stel of mensen die gaan samenwonen) dan kunnen zij allebei verzekerd worden bij overlijden. Als een van de twee dan komt te overlijden, dan wordt de hypotheek in een keer afgelost. De persoon die dan nog in leven is, is dan vrij van schulden. Dit dient wel vooraf te worden vastgelegd. In de meeste gevallen is de overlijdensuitkering hoog genoeg om de hypotheek volledig af te lossen.

Voor de bank is een spaarhypotheek erg gunstig. De bank ontvangt namelijk gedurende de looptijd van de lening elke periode evenveel rente; er wordt immers niet afgelost op de spaarhypotheek. Bovendien loopt de bank weinig risico, gezien het pandrecht. Voor de lener is het erg voordelig dat hij of zij zeker weet dat er aan het eind van de looptijd kan worden afgelost. En doordat het rentebedrag elk jaar zo hoog is, is het fiscale voordeel ook erg groot.